BVPA

Postbus 674
2501 CR Den Haag
T 070 362 70 78
info@bvpa.nl

Oproep aan Kamer: kom samen tot register

De Tweede Kamer der Staten-Generaal bepaalde op 20 juni jl. dat lobbyisten zich eerdaags moeten registreren. Bij de toelichting op dit historische besluit deed men het voorkomen alsof men hiermee lobbyisten van bedrijven uit de Kamer wil weren en dat dit lobby-register onduidelijkheid wegneemt wie welke belangen vertegenwoordigt op het Binnenhof. Een naïeve suggestie. Zeker wanneer politici zichzelf en oud-collegae niet aanspreken op hun lobbygedrag, leidt dit voornemen slechts tot schijntransparantie.

Oud-politici zijn niet bepaald de beste lobbyisten. Ze werken op basis van hun netwerk, en op basis van toegang. Daarnaast worden ze - de goede daargelaten - ingehuurd als spreekbuis voor de belangen van anderen. Dit is typisch een geval van "lobbyen oude stijl". Spijtig genoeg beïnvloedt dit wel in hoge mate hoe er door politici zelf en de rest van Nederland naar het vak van lobby-professionals gekeken wordt. Daarom zou de Tweede Kamer meer instrumenten moeten inzetten om het doel van lobby-transparantie te stimuleren dan door slechts het instellen van een lobby-register.

Allereerst door consistente regels op te stellen voor het uitgeven van toegangspasjes tot het parlement voor mensen die niet in het parlement werken. En deze regels strikt te handhaven. Deze pasjes worden momenteel willekeurig verstrekt. Mijn voorstel: schaf al deze pasjes af, ook voor oud-politici. Want als je iets in de Kamer te zoeken hebt, dan ben je daar immer welkom door netjes een afspraak te maken. Openheid is de kracht van het Nederlandse parlement. Door geen pasjes meer uit te geven worden de door de gangen zwervende lobbyisten die zonder afspraak bij parlementariërs en hun medewerkers binnen vallen, bestreden. Volstrekt begrijpelijk dat Kamerleden dergelijke lobby-colporteurs willen weren van hun werkplek.

Ten tweede moeten afspraken worden gemaakt voor 'revolving door' politici. Deze draaideur-beambten zijn oud-Kamerleden, top-ambtenaren en ministers die op de ene dag het publieke belang dienen, en de volgende dag de overstap naar bijvoorbeeld het bedrijfsleven of een NGO maken. Ook over betaalde en niet-betaalde bijbanen van politici en ambtenaren moet meer helderheid en inzicht komen. Inspiratie genoeg hiervoor in Washington DC waar deze regels strikt zijn en worden gehandhaafd. Als een politicus de swing naar het bedrijfsleven wil maken is dat prima, maar wel na een redelijke afkoelperiode van bijvoorbeeld drie jaar.

In de derde plaats moet een register van lobbyisten duidelijkheid bieden ten aanzien van criteria, handhaving en sancties. Criteria wie als lobbyist wordt beschouwd (dus bijvoorbeeld niet alleen bedrijven, maar ook overheden, NGO's en buitenlandse organisaties), handhaving (hoe wordt toegezien op het gedrag van lobbyisten), en sancties (wie zich niet aan de regels houdt, moet de toegang tot het parlement worden ontzegd). En betrek daar integraal de regels in ten aanzien van giften en cadeaus voor politici. Momenteel zijn hierover onduidelijke afspraken over de hoogte en registratie van giften of cadeaus. Deze afspraken worden volstrekt willekeurig door Kamerleden ingevuld.

Tot slot is het de verantwoordelijkheid van parlementariërs en lobbyisten samen, om hier werk van te maken. Eerdere invitaties vanuit lobby-professionals om afspraken te maken met het parlement werden niet opgepakt. Dit actuele voorstel van het Presidium van de Kamer is een mooie impuls om deze keer in gezamenlijkheid invulling te geven aan lobby-regulering.

Lobbyen in Nederland is een degelijk, en volgens sommigen zelfs een beetje een saai vak. Weten hoe het proces van besluitvorming verloopt, weten met wie je op welk moment moet spreken, en met welk argument. Doe je dat vanuit een vaag belang of met een vaag verhaal, dan leidt dat tot vervelende (media-)aandacht met alle consequenties van dien: "one strike and out." Dat zelfreinigend vermogen zit in de Nederlandse lobby-cultuur ingebakken. Om lobbyen verder te institutionaliseren en reguleren in het Nederlandse besluitvormingsproces is het instellen van een lobbyregister een halve maatregel. Dat moet echt beter kunnen.

Peter van Keulen, erelid van de BVPA